| |||
|
Kwatrijnen met en van wijn van filosoof Chajjam
4-4; wanneer ik dood ben, was mijn lijk dan met wijn; bewijs mij ook de laatste eer met wijn. Als je mij op de dag des oordeels vinden wil zoek mij dan in het stof bij de voordeur van het wijnhuis. 14-14; zoveel wijn drink ik, opdat na mijn dood uit mijn graf de wijngeur zal opstijgen, zodat een dorstige, die langs mijn graf loopt, door de geur uit mijn graf stomdronken worden zal. 15-15: In dit twee dagen durende bestaan, drink wijn, oude wijn, want dit twee dagen durende leven wordt niet herhaald. Weet jij wel dat de wereld op weg is kapot te gaan? Daarom moet je ook dag en nacht kapot zijn door de wijn. 67-172; Nu, dat er behalve vreugde alleen het woord bleef en behalve jonge wijn geen ander oud gezelschap maak de hand van plezier niet los van de wijnbeker want vandaag blijft niets over dan een wijnbeker in de hand. 68-173; Vanavond zal ik met een kan wijn van drie liter beginnen; daarna ik zal mij verrijken met nog twee roemers. Eerst zal ik definitief scheiden van het verstand en de religie; daarna zal ik huwelijksband aan gaan met de dochter van de druivenboom. 71-182; O zielsverwanten, voer mij met wijn, maak van dit gele gezicht een robijn. wanneer ik overlijd, was mij dan met wijn en maak van druivenhout een kist voor mij. 72-183a; De wijn scheurde de gordijnen tussen ons open; zolang ik leef zal ik van hem geen afstand doen. Ik verbaas mij bij het zaken doen van de wijnverkopers over wat zij zullen inkopen als zij hun wijn verkocht hebben. 73-183b; Totdat Venus en de maan aan de hemel tot leven zijn gekomen heeft niemand iets beters dan op een robijn lijkende wijn gezien Ik verbaas mij bij het zaken doen van de wijnverkopers over wat zij zullen inkopen als zij hun wijn verkocht hebben. 74-191; Heb geen berouw over het drinken zo lang als je maar wijn hebt want dan krijg jij honderd maal spijt over dat berouw. De bloemen zijn zich aan het verkleden en de nachtegalen zingen; daarbij hoort geen berouw. 93-247; Ik en iedereen, die als ik, goed is, drinkt wijn en mijn wijn drinken is voor hem aangenaam. Mijn wijn drinken was op de eerste dag van het bestaan aan Hem bekend; als ik geen wijn drink, dan zal Zijn weten onwetendheid zijn. 94-250; Wijn drinken is niet toegestaan. Maar dat hangt af van diegene die het drinkt en dan nog hoeveel hij drinkt en met wie. Wanneer aan die drie voorwaarden is voldaan, dan kunnen alleen geleerden drinken en de gewone mensen niet. 105-288; Als je wijn wil drinken, drink dan met een geleerde of drink met een blije schoonheid; drink niet veel en openbaar je geheimen niet snel; drink maar een beetje, af en toe en stiekem. 127-356; Als ik dronken ben door de zuivere wijn, besta ik; als ik verliefd ben, slim en een wijnaanbidder, besta ik. Iedereen denkt en zegt iets over mij; ik voor mezelf ben zoals ik ben. 128-357; ik zei eens: ik drink nooit meer wijn! de wijn is het bloed van de druiven en dat drink ik niet. Het oude wijze verstand vroeg mij: zei jij dit serieus? Ik antwoordde: ik maak een grapje. Hoe kan dat nu, dat ik niet drink? 163-475; O, kastelein, wij horen bij de wijn, de geliefde en de morgen. Kastelein, wij hebben nergens echt berouw over. Hou maar op met het verhaal van Noach; haal voor ons maar dat, wat onze geest verlicht. 164-476; Ik nam van iedereen afscheid, maar niet van de wijn; ik nam van iedereen afstand maar niet van hem. Zou het mogelijk zijn een echte moslim te worden door te stoppen met wijn drinken? Nee, dat niet. ![]() | |||
![]() | |||
™DeWeinschenker2004 |