French ParadoxMichael Seabaugh, klinisch psycholoog in Santa Barbara, California, heeft een maand lang vakantie gevierd in Frankrijk. En gegeten natuurlijk. 'Maar de Fransen zijn sneaky', zegt hij. 'Ze eten driegangen-diners met heerlijke sauzen, drinken constant rode wijn, schamen zich er niet voor zondige zoetigheden, patés en kazen naar binnen te werken - en dat alles zonder dik te worden.' De oplossing? Kleinere hoeveelheden nemen en, vooral, relaxen. Na vier weken croissants en rode wijn, was Seabaugh stomverbaasd toen hij, weer thuis, op de weegschaal stapte en constateerde dat hij maar een pond was aangekomen. Hij had al eerder gehoord van wat de Amerikanen de ‘French paradox’ noemen, maar had nooit verwacht dat het ook waar was. A bunch of bull, dacht hij. Maar nee.
Waar zit het ‘m in? Hoe komt het dat de Fransen inderdaad niet en masse door de straten joggen en toch slank en stylish blijven? Seabaugh heeft het een expert gevraagd, Laurence Hauben. Hauben is niet een expert van het wetenschappelijke soort, maar deze Française weet wel waar ze het over heeft. Ze geeft workshops in slow food. Ze gaat met liefhebbers naar de markt en bereidt maaltijden met verse producten. 'I love to share the seasonality, the spontaneity, the spirit of adventure that come from returning home with an armload of produce I didn’t know I was going to buy. I am like a kid in a candy store at the market', vertelt ze op haar site Marketforays. 'Het verschil', legt Hauben uit, 'is dat de Fransen niet achter hun bureau of in hun auto een broodje eten, maar ervoor gaan zitten met collega’s, vrienden of familie. Ze nemen de tijd te relaxen en te kletsen.' Volgens Hauben komt de vetaanzetting voornamelijk door stress, en moeten mensen weer leren relaxen. '800 calorieën in een Frans restaurant zijn er zo weer af, terwijl 800 calorieën die je achter het stuur inneemt, meteen op je heupen gaan zitten', zegt ze. Seabaugh haalt nog een vrouwelijke expert aan, Mireille Guiliano, onder andere schrijfster van het boek ‘Why French women don’t get fat’. Daarin benadrukt Guiliano hoe belangrijk het is dat we de tijd nemen voedsel te proeven. Volgens Seabaugh leidt dat proeven ook tot ‘portion control’.
'Ik realiseer me dat dit een erg un-American concept is, maar het lijkt te werken, schrijft hij. 'De French way is er niet een van onthouding. Hun hoofgerechten baden in sauzen en hun toetjes zijn regelrechte meesterstukken. Maar de Fransen zorgen ervoor dat de ingrediënten vers en letterlijk smaakvol zijn, waardoor het eetplezier en het voldane gevoel veel meer een gevolg zijn van kwaliteit dan van kwantiteit.' Naar de markt lopen om ingrediënten te kopen, thuis de tijd nemen om daar een maaltijd van te maken en dan met familie en vrienden gaan zitten en genieten? 'Now that’s a start', verzucht Seabaugh. Gepubliceerd onder de CC BY licentie. | |||
![]() | |||
™De Weinschenker2004 |