|
De trots van Argentinië: Malbec: een druif met gebruiksaanwijzing
Merlot: ein Mytos in neuer Heimat Het drogen van druiven: Amarone De Wijnstok met wortels en al Zinfandel: oud of niet? Ampelographie II druivensoorten van Aghiorgitiko tot Epinette Ampelographie III druivensoorten van Faberrebe tot Muscadet Ampelographie IV druivensoorten van Nasco tot Ruländer Ampelographie V druivensoorten van St. Laurent tot Zweigeld Ampelographie VI 'De ontelbare aantallen druivensoorten van Paronetto' Ampelographie VII Barbera, Cabernet Sauvignon, Cabernet Franc, Carignan, Mueller Thurgau, Rivaner, Pinotage, Sauvignon, Silvaner en Trebbiano Ampelographie VIII Artikelen over druivenaanplant, druiven, bescherming, oogsten e.z.v. Beelden-Galerie van Druivensoorten Er zijn enorm veel verschillende druivensoorten. Beroemde druivenrassen zijn de Riesling, de Chardonnay, de Pinot Noir en de Cabernet Sauvignon. Die groeien niet alleen in Europa, maar ook aan de andere kant van de wereld. (De ontelbare druivensoorten van L.Paronetto in 1979) Het opvallende is dat druiven van een soort in het ene gebied totaal andere wijn oplevert dan in de andere regio. Dat heeft te maken met vooral de soort van de bodem en het klimaat. In Australië, Nieuw-Zeeland, Zuid-Afrika, Californië en Chili (waar de temperatuur het hele jaar door ongeveer gelijk is) leveren de wijnstokken druiven, die bijna altijd hetzelfde zijn.
Dat is in Europa wel even anders. Van november tot maart houdt de wijnstok een diepe winterslaap.
Begin april, wanneer het wat warmer wordt, gaan de druiven bloeien en groeien. Kalm en warm weer is dan heel belangrijk; storm en hagel zijn niet gewenst. Als de zon wegblijft is de boer niet tevreden en teveel regen voor en tijdens de oogst maakt de wijn waterig Bij nachtvorst zet de boer brandende tonnen of fakkels tussen de wijnstokken om te voorkomen dat ze bevriezen. Of hij sproeit water overheen: het ijslaagje dat er zo opvriest beschermt de plant tegen nog ergere kou. Veel zon in het najaar is belangrijk voor de hoeveelheid suikers. Eind september, oktober zijn de druiven sappig en zoet, klaar voor de pluk. | |||
|
Een gemiddelde wijngaard heeft in Europa de grote van plusminus vier voetbalvelden (behalve in Spanje, daar zijn wijngaarden zo groot als de oppervlakte van de stad Maastricht of Eindhoven).
Om een gelijkmatige kwaliteit van de wijn te waarborgen moeten de druiven van een normale wijngaard in een dag of twee geoogst worden. Plukmachines doen dat razendsnel, maar oogsten ook bladeren en onrijpe druiven, zodat de betere wijn nog steeds met de hand gelezen moet worden en dus een kostbare en tijdrovende zaak is voor de wijnboer. Er zijn zelfs wijnboeren, die laten de wijn niet tros voor tros oogsten, maar druif voor druif en alleen zo de rijpste en vooral gezonde druiven binnen halen voor een excellente wijn (en daar zit ook geen enkel blaadje tussen!!). De oogst is bij iedere handeling zo voorzichtig uit te voeren, dat de druiven niet open barsten voordat zij de druivenpers bereiken! Ook het persen moet aangepast en hoogst gelijkmatig gebeuren, zodat de schillen en de pitten van de druif geen sap afscheiden en het druivensap bitter maken
De Wijnstok Wijn vind zijn oorsprong in het water uit de bodem. Deze dwarsdoorsnede van een wijngaard in de buurt van een rivier bij St-Julien in de Médoc laat zien hoe de wortels van een wijnstok voldoende voedsel en vocht uit arme grond kunnen puren door maar diep genoeg te graven.
Grind en zand zijn hier pluspunten voor kwaliteit. Zij zorgen ervoor dat de bodem tot op grote diepte poreus blijft, zodat het regenwater diep kan binnendringen en de wortels diep kunnen boren. Op de achtergrond een 50 jaar oude vruchtdragende Cabernet, waarvan de ranken langs draden zijn geleid (1). Op de voorgrond een 20 jaar oude stok in winterse staat (2), gesnoeid en beschermd door aarden walletjes. Kiezelstenen aan de oppervlakte zijn door de regen schoongewassen (3). Op sommige plekken zijn zij bevlekt met kopersulfaat (4); men heeft zo overvloedig gespoten dat er bij bodemanalyse spoortjes koper worden gevonden. Klaver en andere landbouwproducten worden vaak in de grond geploegd om deze vruchtbaarder te maken (5). Ook de na het persen overgebleven schillen, 'mare', gebruikt men hiervoor (6). De bovenste laag van 30 cm bestaat uit zand en grind en men vindt er slechts weinig wortels in (7). Dan komt er een laag mergel, jaren geleden van elders aangevoerd, misschien tijdens het aanplanten van de wijnstokken. Door deze laag lopen horizontale grote en kleinere wortels. De volgende 30 cm bestaat uit een harde massa samengedrukt zand en biedt niets interessants (9). Geen worteleinden, maar uitsluitend grote wortels die doordringen tot een volgende, dikkere laag (10). Deze bestaat weer, zoals ook de bovenste laag, uit zand en grind, maar is wat rijker aan organische bestanddelen, misschien door het inbrengen van mest jaren geleden. Hier vinden wij weer veel wortels waarvan de kleinere de pas wordt afgesneden door een compacte laag (11) van zand op 1,2 m. Hieronder zien wij weer zandkleurige, roestkleurige (12) en gele (14)laagjes, met hier en daar horizontale stroken grijs zand ertussen (13). Deze grijze kleur is ontstaan door het doorsijpelen van water. Men vindt er kleine wortels in, die verder op deze diepte niet voorkomen. Een 50 jaar oude wijnstok heeft op dit niveau altijd nog wortels van 2,5 cm dik, die verder naar beneden doordringen naar andere lagen grind en zand. Wortels hebben alleen maar wat aan de door hen gezochte minerale stoffen als deze in opgeloste vorm aanwezig zijn. Hoe meer druiven een wijnstok draagt, hoe minder van deze kostbare stoffen er per druif aanwezig zullen zijn; een argument dus voor het beperken van de opbrengst. Amarone de druiven liggen of hangen te drogen in grote houten gebouwen op matten en zijn bestemt voor de dessertwijnen (Vino Santo) of de droge variatie (Amarone). ![]() ![]()
![]() Malbec druif met gebruiksaanwijzing Iedereen die een duur betaalde wijncursus volgt, moet, zelfs wanneer dat een serieus bedoelde cursus is, uit het hoofd leren dat de Malbec een van de zogenaamd 'klassieke' druiven van Bordeaux is. Weliswaar in een bescheiden, aanvullende rol, maar toch. Zou je echter vragen naar namen van niet al te obscure chateaux waar deze soort nog een aandeel van, laten we zeggen, 5% binnen de assemblage haalt, dan zou dat wel eens een oorverdovende stilte tot gevolg kunnen hebben. Immers de Malbec is vandaag de dag niet meer dan een curiositeit in Bordeaux. Je vindt hem daar onder de noemer Pressac enkel nog in perifere gebieden als Blaye en Bourg. Onthoud dus maar liever 1) dat Malbec eigenlijk Cot heet, 2) dat hij als Auxerrois de smaakbepalende druif van Cahors is, en 3) dat diezelfde Malbec de 'nationale' blauwe druif van Argentinië is.
Vergane glorie De herkomst van de Malbec is, op z'n zachtst gezegd, enigszins in nevelen gehuld. Ondanks zijn huidige relatief obscure status kent deze druif niettemin een verrassend groot aantal synoniemen. Auxerrois, Cut, Pressac, Malbeck,: het zijn maar een paar namen uit een verbazing wekkend lange rij. De internationaal gebruikte benaming Malbec is een erfenis uit de tijd dat hij nog in de Médoc aangeplant stond, maar volgens de toonaangevende Franse ampelograaf Galet luidt de originele benaming Cot.
Of hij van origine uit de omgeving van Auxerre komt, zoals de naam Auxerrois suggereert, lijkt twijfelachtig.
De eveneens voor verwarring zorgende witte Pinot Auxerrois, ruim aangeplant in de Elzas en Luxemburg, komt daar eerder voor in aanmerking. Of stamt de Malbec wellicht uit Bordeaux? Hij speelde daar ooit een vrij belangrijke rol in de gebieden op de 'rechter oever' in Bordeaux. Wie weet. Feit is wel dat de Malbec op het hoogtepunt van z'n verspreiding in Frankrijk aangeplant stond in niet minder dan dertig departementen! Het verspreidingsgebied is nu beperkt tot de Sud-Ouest en het centrale Loiredal. Dat de Malbec zo uit de gratie is geraakt, heeft te maken met een aantal negatieve eigenschappen. Een ervan is zijn gevoeligheid, voor vorst, wat in het beruchte jaar 1956 het definitieve einde betekende van heel wat percelen Malbec, vooral in Bordeaux. Ook is hij gevoelig voor ziekten als coulure en meeldauw, en op de koop toe ook nog voor rotting. Onbetrouwbaarheid troef derhalve, al geeft hij in jaren zonder grote problemen wel een behoorlijke opbrengst. Nog een minpuntje is dat Franse Malbec in de regel geen wijnen levert die imponeren door hun charme of fruitigheid. Eerder komen ze wat hard en boers over. Malbec is dus een druif die goed rijp geplukt en met bijzonder veel zorg gevinificerd moet worden, wil je er iets lekkers van maken. Net als bijvoorbeeld Carignan of Tannat. Trots van Cabors De Malbec, alias Auxerrois, is bij uitstek een druif van het 'rustieke' Zuidwesten. je vindt hem daar in een hele serie appellations, zij het altijd in een bescheiden rol. De grote uitzondering is Cahors.Volgens de officiële lezing zou hij daar tenminste 70% van de assemblage moeten uitmaken, maar het heeft er alle schijn van dat de Merlot toch wel eens wat meer dan 30% voor zijn rekening neemt. Hoe het ook zij, Auxerrois kent in Cahors een traditie van eeuwen, met ups en downs. Tot de ups kan de faam van de in de clichéverhalen hoog geprezen (maar door niemand geproefde!) vin noir uit het verre verleden gerekend worden. Een cliché dat het publicitair misschien wel aardig doet, maar dat tegenwoordig slechts voor een paar wijnen uit de appellation opgaat. Tot de downs behoort de dramatische vorstschade van 1956 die Cahors aan de rand van de afgrond bracht. Maar goed, zoals bekend heeft Cahors het toch gered. Niet zo zeer dankzij, maar eerder ondanks het grote aandeel Auxerrois.
En met vrij lichte wijnen, geproduceerd in de stijl van middelmatige Bordeaux. Wijnen van Auxerrois op rijke bodems met een te hoge opbrengst en bovendien gemengd met een flinke portie slappe Merlot en extra tannines toevoegende Tannat. Het kan gelukkig ook heel anders. Cahors kan wel degelijk een authentieke dijk van een wijn zijn.
Voorwaarde is dan wel dat de Auxerrois op een arme, kalkhoudende bodem staat aangeplant. De druif kan dan fruit met een dikke schil en bijgevolg veel kleur en tannine van de goede soort produceren. Fruit dat net als dat van de Tannat in Madiran op vakkundige wijze 'getemd' moet worden. Zie bijvoorbeeld de wijnen van producenten als Cháteau du Cèdre en Clos Triguedina. Of die van Cháteau Lagrezette, gemaakt volgens de volrijp-fruit-plus- nieuw-hout-principes van Michel Rolland. Minder in het oog springend maar toch wel de aandacht waard is het gegeven dat Malbec onder de noemer Cot op vrij grote schaal is aangeplant in het centrale Loire-dal, lees: in de regio's Saumur en Touraine. In Saumur mag hij - theoretisch althans - zelfs voor de productie van mousserende wijn gebruikt worden. Een realistischer optie is evenwel een stille rode met de appellation Touraine, hoewel je ook die met een vergrootglas moet zoeken.Verwerking in een assemblage met Cabernet Franc en Gamay ligt meer voor de hand. Buiten Frankrijk is Malbec al helemaal een curiosum. Jancis Robinson noemt in haar Guide to Wine Grapes als overige Europese 'vindplaatsen' Noord-Italië en Ribera del Duero. Beide met een hoog anekdotisch gehalte. Op z'n best in Zuid-Amerika Met afstand Malbec land nummer 1 is Argentinië. Net als de Tannat is de Malbec (k) daar door immigranten uit het Zuidwesten geïntroduceerd. En niet alleen daar. Immers, ook in de buurlanden Brazilië, Chili en Uruguay vind je een substantiële aanplant van Malbec. Een verklaring voor de populariteit in Argentinië is de potentieel vrij hoge opbrengst! Het droge, gezonde klimaat in de streek van Mendoza draagt hier zeker toe bij. Over het algemeen zijn de wijnen van de Argentijnse Malbec een stuk minder tannineus dan die van zijn Franse tegenhangers, soepeler en voller. Mede daardoor is het mogelijk om hem in heel uiteenlopende stijlen te vinifiëren, van Beaujolaisachtig tot Bordeauxachtig. Een voorbeeld van die eerste benadering, met de nadruk op fruit, is de versie van de broers Jacques en Fransois Lurton. Het is echter ook heel goed mogelijk om de Malbec een langdurige houtrijping te laten ondergaan. Ik proefde ooit een 1977 Malbec van Norton die ruim 15 (!) jaar op groot hout had gelegen plus een paar jaar op fles, en die wijn vertoonde nauwelijks sporen van vermoeidheid. Een Reserva in de ware zin des woords! Afgezien van vinificatiestijlen beseffen de Argentijnen hopelijk dat ze zich met hun Malbec internationaal moeten kunnen onderscheiden. Met Cabernet Sauvignon ligt dat anders. Een ander land om in de gaten te houden is Chili. Vergeleken met de Argentijnse Malbec is de Chileense meestal wel tannineuzer maar net als de Carmenère - nog zo'n soort die ooit belangrijk was in Bordeaux - brengen tal van producenten hem tegenwoordig als varietal op de markt. In de rest van de Nieuwe Wereld is de positie van de Malbec marginaal. Hij is wel in diverse landen aangeplant, maar verdwijnt meestal anoniem in Bordeaux Blends. Individueel gebottelde Malbecs uit Australië of Zuid-Afrika ben ik tenminste nog nooit tegengekomen. Wel een uit Californië en nog een goede ook, die van Arrowood in Sonoma. De productie daarvan is overigens wel uitermate beperkt. ![]() Gerade die Spanier bestechen beute mit einem ganz eigenen Stil, wie Peter Hilgard herichtet. Die weltweit wichtigsten Merlot-Produzenten sind neben Frankreich insbesondere Italien, das Schweizer Tessin und Rumänien. Aber auch Kalifomien, Chile, Südafrika und Australien drängen auf den umkämpften Merlot-Markt. Insbesondere Amerikas Weintrinker scheinen gegenwärtig im Merlot-Rausch zu sein. Sic können nicht genug davon bekommen. Die mit Merlot bepflanzte Rebfläche hat sich in Kalifornien innerhalb der letzten Dekade verzehnfacht. Was ist der Grund für diesen plötzlichen Leidenschaftsausbruch, der mittlerweile auch Europas Weingenie erfasst hat? Böse Zungen behaupten, der Boom sei vor allem wegen des so einfach auszusprechenden Namens der Rebsorte entstanden. Wichtiger als das scheint allerdings das sehr griffige Marketing-Konzept der amerikanischen Weinindustrie zu sein. Es wird auf die Aussage reduziert, der Merlot sei weich, samtig und einfach zu trinken. Alles Eigenschaften, die auf Amerikas bisherigen roten Liebling, den Cabernet Sauvignon, nicht so recht zutreffen wollten und die der Konsument jetzt als willkommene Alternative betrachtet. In seinem Ursprungsland Frankreich wird der Merlot sehr selten als reinsortiger Wein ausgebaut. Selbst in St. Emilion und in Pomerol werden fast immer kleine Mengen anderer Sorten beigemischt. Eine gewisse Rolle spielt dabei der Cabernet Franc, dessen Charakter dem des Merlot ähnlich ist.
Der Siegeszug des Merlots begann mit seinem reinsortigen Ausbau in den 80erjahren, insbesondere in der neuen Welt. Im Gegensatz zum Cabernet Sauvignon, der immer als »männlicher« Wein mit vielen Ecken und Kanten galt, wurde der Merlot häufig mit dem Prädikat »weiblich« bedacht und mit den bereits erwähnten Klischees versehen.
Seine Verbreitung hat der Merlot nicht nur den genannten Charaktereigenschaften sondem auch seiner Ertragsstärke zu verdenken. Auf den ersten Blick erscheint er als eine recht unkomplizierte und einfach zu handhabende Sorte. Wer sich aber durch die vielen Anbaugebiete des Merlots in Europa und Obersee durchprobiert hat, wird rasch erkennen, dass es nur selten wirklich gute Weine aus dieser Sorte gibt. Enorm wandlungsfähig Neben den unterschiedlichen Böden, -der Merlot liebt besonders eisen- und kalk- haltigen Lehmboden- spielt für die Qualität der späteren Weine die Erfahrung des Winzers bezichungsweise Weinmachers irn Umgang mit dieser Sorte eine maßgebliche Rolle. Der Merlot treibt relativ früh aus, blüht früh und reift auch entsprechend früh. Dies macht ihn einerseits empfindlich für späte Fröste im Frühjahr und andererseits sehr abhängig vom richtigenZeitpunkt der Lese. Während der letzten Phase des Reifeprozesses der Trauben, die den Charakter des Weins wesentlich rnitbestimmt, kann sich das Aroma innerhalb von zwei bis drei Tagen von unreifen, grünen Spargel- und grasigen Kräutertönen bis hin zu überreifen Pflaumen-, Rosinen- und Kompottnoten entwickeln. Das genaue Wissen über diese letzte, rasche Entwicklung der Trauben und die Verfügbarkeit einer entsprechenden Logistik für eine zeitgerechte Lese sind beim Merlot Voraussetzungen für einen guten Wein. Dèr Merlot ist sehr empfindlich gegen Trockenheit. In Spanien mit seinem notorischen Regenmangel herrschte daher die Lehrmeinung, der Merlot könne in diesem Land nicht zu wirklicher Größe heranreifen. Spaniens Renommierwein, der Vega Sicilia »Unico«, enthielt allerdings schon immer einen kleinen Anteil des Merlot. Dieser wurde bereits im 19. Jahrhundert aus Bordeaux importiert, und seine außerordentliche Qualität ist den Kennern dieses Weinguts schon frühzeitig aufgefallen. Die Schlussfolgerung aus dieser Beobachtung könnte eigentlich nur sein, dass Spanien vielleicht doch gute Voraussetzungen für diese Rebsorte bietet. Dass sich dies wirklich so verhält, zeigen einige Merlots aus den heißen Regionen Spaniens. Die Verfügbarkeit von Tropfbewässerung war natürlich eine Vorbedingung für die Pflanzung von Merlot-Stöcken. In ihrem Rebsortenführer aus dem Jahre 1987 erwähnte Jancis Robinson, dass der Merlot in Spanien so gut wie nicht vertreten sei. Allerdings hatten viele Kellereien in den frühen 80er Jahren bereits in größerem Stil begonnen, Merlot zu pflanzen beziehungsweise zu pfropfen.
Heute ist er in fast allen Weinbauregionen anzutreffen, jedoch liegen seine Schwerpunkte eindeutig in Katalonien, Navarra und Somontano. Hier hat man intensive Erfahrungen mit dieser Rebsorte gesammelt und -wenn man so will- damit begonnen einen eigenen »spanischen Stil« zu prägen.
Eine der Eigenschaften des Merlots ist seine enorme Wandlungsfáhigkeit; und dies gilt, wie im Rest der Welt, natürlich auch in Spanien. Dem iberischen Geschmack entsprechend, wird er meist vollreif gelesen und später im Barrique ausgebaut. Die Hauptmerkmale eines guten spanischen Merlots sind dann seine feste, fleischige Struktur und sein Geschmack nach Fruchtkuchen, Wild und Gewürzen, häufig vermischt mit mineralischen Tönen. Das sortentypische Fruchtbukett mit den charakteristischen Veilchentönen findet sich im spanischen Merlot eher selten. Am anderen Ende der Qualitätsskala stehen schließlich bäuerliche, einfach strukturierte Weine, gelegentlich sogar mit einer etwas süßlichen Note. Reinsortige Merlots gewinnen immer mehr an Bedeutung. Richtige Schwergewichte kommen dabei aus den katalanischen Weinbaugebieten. Es ist nur natürlich, dass im Land der großen Roséwein-Tradition auch aus dem Merlot »rosados« gekeltert werden. Einige dieser Weine sind von überragender Fruchtigkeit und von einem überwältigenden Charme, der vieles dieser Kategorie weit hinter sich lässt. Das einst für unmöglich gehaltene ist geschehen, Spanien mausert sich zu einer neuen Heimat des Merlot. Dabei gibt man sich viel Mühe, das eigene terroir in den Wein zu bringen und sich nicht dem internationalen Geschmacksdiktat anzupassen. Was den Spaniern mit dem Cabernet Sauvignon gelungen ist, sollte auch mit dem Merlot möglich sein, nämlich einen erkennbar spanischen Wein zu rnachen. Castell del Remei Merlot, La Fuliola (D.O. Costers del Segre): Kräftige Nase von Kakao, Vanille, Schokolade und Pfeffer, fester Körper, mit reifen und ausdrucksstarken Tanninen sowie balsamischen Tönen. Vinas del Vero Merlot, Barbastro (D.O. Somontano): Intensives Trockenfruchtaroma mit Stachelbeernoten, am Gaumen fleischig, ausladend rnit reifen Tanninen. langer Abgang. Prototyp eines spanischen Merlot. | |||
![]() | |||
![]() | |||
™De Weinschenker0104 | |||